Vraagtekens

Premieplicht DGA’s met 2 x 40% aandelenbezit?

29 april 2016

Mijn compagnon en ik runnen samen een transportbedrijf. We hebben de onderneming samen opgericht; bij de oprichtingen hebben we ieder – via een personal holding – 50% van de aandelen in de werk-BV genomen. Drie jaar geleden hebben we 20% van de aandelen in de werk-BV aan een derde verkocht, ieder 10%. Dat was bittere noodzaak, vanwege de crisis. De nieuwe aandeelhouder bemoeit zich nauwelijks met de bedrijfsvoering: mijn zakenpartner en ik zijn beiden statutair directeur van onze holdings, en we verrichten op basis van een managementcontract alle voorkomende directiewerkzaamheden in de werk-BV. Onze houdstervennootschappen zijn directeur van de werk-BV. Per 1 januari 2016 is er een nieuwe Regeling aanwijzing DGA in werking getreden. Zijn mijn compagnon en ik als DGA’s nu wel of niet verzekerd onder de nieuwe Regeling?

Antwoord

Per 1 januari 2016 is er een nieuwe regeling Aanwijzing directeur-grootaandeelhouder in werking getreden, en die heeft voor veel DGA’s consequenties voor de premieplicht werknemersverzekeringen. Ook in uw situatie!
Bij de beoordeling van de premieplicht werknemersverzekeringen is het uitgangspunt van de Hoge Raad dat een DGA in beginsel verplicht verzekerd is. Hij is formeel ondergeschikt aan de algemene vergadering van aandeelhouders van de BV. Dat betekent dat de BV de verschuldigde werknemersverzekeringen moet afdragen. Maar als die DGA een bepaalde machtspositie heeft in de BV, vervalt die premieplicht.
Allereerst is van belang dat een aanwijzing als DGA – dus geen premieplicht – uitsluitend nog mogelijk is voor een statutair directeur, voor een bestuurder van de BV. Een DGA die geen statutair directeur is, maar uitsluitend titulair directeur – werknemer met de titel van directeur – is vanaf 1 januari 2016 per definitie verzekerd.
In de nieuwe Regeling worden diverse criteria gehanteerd om te beoordelen wie als DGA kan worden aangewezen, voor wie geen premieplicht bestaat. Die criteria zijn op onderdelen aangepast. In uw situatie gaat het met name om de uitbreiding van het begrip bestuurder en de nevengeschiktheidstoets.
Onder de nieuwe regeling wordt voortaan ook als bestuurder aangemerkt de persoon die zeggenschap heeft in de BV door tussenkomst van één of meer rechtspersonen waarvan hij aandeelhouder is. Dit is de zogenaamde indirecte bestuurder. Denk aan de DGA die alle aandelen houdt in de holding-BV, welke BV alle aandelen in de werk-BV houdt, de holding-BV is statutair bestuurder van de werk-BV, maar de DGA verricht feitelijk die werkzaamheden krachtens een managementovereenkomst tussen de holding- en werk-BV.
U en uw zakenpartner kwalificeren onder de nieuwe Regeling als indirecte bestuurder.
Vervolgens speelt voor uw beiden de nevengeschikheidstoets. Bij bestuurders die samen alle aandelen in de BV bezitten en die als aandeelhouders een gelijk of nagenoeg gelijk deel van het kapitaal van de vennootschap vertegenwoordigen, is geen sprake van premieplicht. De wijziging in dit deel van de Regeling betreft de uitbreiding dat die bestuurders tesamen alle aandelen in de betreffende BV moeten hebben. Onder de oude Regeling was dat niet het geval. U en uw compagnon voldoen niet aan deze voorwaarde, vanwege de 20% medeaandeelhouder. Dat betekent dat u en uw compagnon verplicht verzekerd zijn voor de werknemersverzekeringen en dat de werk-BV vanaf 1 januari 2016 premies werknemersverzekeringen voor u en uw zakenpartner verschuldigd is.

Terug naar boven