Vraagtekens

Box 3-heffing 2017: massaalbezwaarprocedure

27 juni 2018

De Bond voor Belastingbetalers roept iedereen op om bezwaar te maken tegen de box 3-heffing in de aanslag IB 2017. Staatssecretaris Snel van Financiën wil voor de te verwachten stroom aan bezwaarschriften een massaalbezwaarprocedure instellen, zodat alle belastingplichtigen kunnen ‘meeliften’ op de aangewezen procedure(s). Belastingbetalers die het niet eens zijn met de box 3-heffing moeten wel individueel én tijdig bezwaar maken tegen hun IB-aanslag, ook als Financiën een aanwijzing massaal bezwaar heeft afgegeven. Belastingplichtigen van wie de aanslag IB 2017 inmiddels al definitief is vastgesteld, kunnen alsnog bezwaar maken tegen de box 3-heffing door vóór 15 juli 2018 een bezwaarschrift in te dienen. De Belastingdienst zal dat behandelen als een tijdig ingediend bezwaarschrift.

1379_2018-03-004.jpg
De Bond voor Belastingbetalers wil opnieuw een massale stroom bezwaarschriften uitlokken tegen de box 3-heffing. Dit keer tegen de ‘aangepaste’ box 3-heffing zoals die vanaf 1 januari 2017 van toepassing is. Zie ook: Maak bezwaar tegen de box 3-heffing in uw aangifte inkomstenbelasting 2017. Zoals bekend geldt met ingang van 2017 voor de box 3-heffing een gedifferentieerd rendement op basis van de samenstelling en omvang van het vermogen. Voor een vermogen tot € 100.000 geldt een forfaitair rendement van 2,87%, voor het daaropvolgend vermogen tot € 1 miljoen van 4,6% en voor vermogens boven de € 1 miljoen is dat 5,39%. Zie ook BelastingBelangen, november 2017: Box 3-heffing per 2017. De Bond voor Belastingbetalers wil ook de aangepaste box 3-heffing aan de rechter voorleggen. De Bond vindt de heffing nog steeds in strijd met het recht op ongestoorde eigendom uit het Eerste Protocol bij het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens (EVRM).
Het verzet tegen de box 3-heffing is eerder als massaal bezwaar aangewezen, maar die aanwijzing ziet uitsluitend op bezwaarschriften tegen het 4% forfaitaire rendement op spaarsaldi. Die procedures betreffen de jaren 2013 tot en met 2016. Vanaf 2017 wordt het forfaitaire rendement anders berekend, en daarom kan de uitkomst van de lopende procedures niet beslissend zijn voor de heffing over 2017.

Commentaar
De Hoge Raad heeft eerder beslist dat de box 3-heffing niet in strijd is met het EVRM. Zie BelastingBelangen, juni 2016: Hoge Raad akkoord met box 3-heffing. Dat arrest betrof de heffing in 2010 en 2011. Ons hoogste rechtscollege besliste dat een schending van het eigendomsrecht pas aan de orde is als een particuliere belegger het 4% rendement over een reeks van jaren niet kan realiseren, én de belastingheffing op basis van dat forfaitaire rendement voor hem een individuele, buitensporig zware last is. Dit arrest is géén onderdeel van de massaalbezwaarprocedure tegen de box 3-heffing. In de daarbij aangewezen procedures is de vraag naar een individuele excessieve last – een schending van de fair balance – uitgesloten! Inmiddels hebben alle gerechtshoven uitspraak gedaan in ‘hun’ aangewezen procedure, met wisselende uitkomsten: Hof Arnhem-Leeuwarden vindt de box 3-heffing over 2014 niet in strijd met Europees recht, Hof Den Bosch ook niet, Hof Amsterdam wél voor 2013 en 2014. Al die zaken zijn nu klaar voor behandeling door de Hoge Raad. Het einde van de eerste massaalbezwaarprocedure komt in zicht, de tweede wordt opgestart......
Terug naar boven

Privacy

Deze website maakt gebruik
van cookies. Meer informatie