Vraagtekens

Uitfasering PEB: vragen en antwoorden

28 april 2017

De Wet uitfasering pensioen in eigen beheer en overige fiscale pensioenmaatregelen is – met de bijbehorende novelle – in het Staatsblad geplaatst en treedt op 1 april 2017 in werking, deels met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2017.
Financiën heeft inmiddels in diverse beleidspublicaties een nadere toelichting gegeven op tal van aspecten van de uitfasering van het pensioen in eigen beheer.


Directeuren-grootaandeelhouders en hun adviseurs zijn druk doende met de uitfasering van pensioen in eigen beheer (PEB). De Eerste Kamer heeft – na het uitstel van de stemming – de regeling op 7 maart jl. aangenomen, de wet is in het staatsblad geplaatst en per 1 april 2017 in werking getreden. De regeling is in BelastingBelangen uiteengezet in oktober 2016: Pensioen in eigen beheer: afkopen of niet, in december 2016: Uitfasering PEB: 3 maanden uitstel en de partnercompensatie en Uitstel stemming ‘Wet uitfasering pensioen in eigen beheer’ en in februari 2017: Uitfasering pensioen in eigen beheer: 1 april 2017.
Financiën heeft in de afgelopen twee maanden in diverse beleidspublicaties een nadere toelichting op de uitfasering gegeven, het Centraal Aanspreekpunt Pensioenen (CAP) heeft diverse vragen met antwoord gepubliceerd. Zie ook www.belastingdienstpensioensite.nl.
Een overzicht.

Goedkeuring voor aanpassingen PEB tot uiterlijk 30 juni 2017
DGA's hebben na de inwerkingtreding van de wet per 1 april 2017 nog drie maanden de tijd – de coulancetermijn – om hun PEB aan te passen aan de wijzigingen per 1 april 2017. Het gaat hierbij om de handelingen die samenhangen met het premievrij maken van het in eigen beheer opgebouwde pensioen, het desgewenst terughalen van het elders verzekerde deel van het opgebouwde pensioen naar de BV, het aanpassen van de pensioenbrief en de besluitvorming in de algemene vergadering over deze punten.
Als de pensioentoezegging in eigen beheer niet uiterlijk 30 juni 2017 is stopgezet – premievrij is gemaakt - loopt de pensioenopbouw door omdat civielrechtelijk sprake is van een rechtens afdwingbare pensioentoezegging aan de DGA. De BV is voor de pensioenopbouw vanaf 1 juli 2017 geen fiscaal toegelaten pensioenverzekeraar meer. Wordt de pensioenopbouw in eigen beheer toch voortgezet, dan heeft dat tot gevolg dat de gehele opgebouwde pensioenaanspraak fiscaal onzuiver wordt: de waarde in het economische verkeer van de volledige pensioenaanspraak wordt dan ineens belast en daarbij is ook 20% revisierente verschuldigd.

Goedkeuring aftrek toekomstige loon- en prijsontwikkeling
Bij veel pensioenregelingen is een vorm van indexatie afgesproken: het pensioen wordt aangepast aan toekomstige loon- of prijsontwikkelingen. In de novelle – de wet tot wijziging van de wet Uitfasering PEB – is alsnog een aftrek van de kosten van indexatie toegestaan ingeval van extern eigen beheer (zie ook BelastingBelangen, februari 2017: Uitfasering pensioen in eigen beheer: 1 april 2017). Die aftrek is beperkt tot de actiefpost terzake van de indexatie die is opgevoerd in een aangifte vennootschapsbelasting die uiterlijk op 20 september 2016 is ingediend. Als een BV een dergelijke actiefpost niet heeft kunnen verwerken in een aangifte vennootschapsbelasting die uiterlijk op 20 september 2016 is gedaan, kan onder voorwaarden alsnog aftrek worden verkregen. Het besluit met de voorwaarden voor deze goedkeuring is uitgebracht. Belastingplichtigen kunnen een beroep op de goedkeuring doen uiterlijk bij het doen van de aangifte waarin de actiefpost is opgenomen.

1225_2016-06-011.jpgInformatieformulier Belastingdienst voor afkoop of omzetting PEB
De DGA die zijn PEB wil afkopen of omzetten in een oudedagsverplichting moet de Belastingdienst daarover informeren met een daartoe opgesteld informatieformulier. Dat formulier is op de website van de Belastingdienst beschikbaar gesteld en te downloaden: Informatieformulier Afkoop of omzetting van pensioen in eigen beheer (PDF). Als een partner of ex-partner recht heeft op het in eigen beheer opgebouwde pensioen of op een deel daarvan, dan is de schriftelijke instemming nodig van de (ex-)partner. Ook daarvoor moet het desbetreffende informatieformulier worden gebruikt.
Dit formulier moet binnen 1 maand na het prijsgeven, afkopen of omzetten in een oudedagsverplichting ingevuld en ondertekend bij de Belastingdienst worden ingediend. Volgens het CAP is niet voldaan aan de informatieplicht als het formulier niet wordt ingeleverd, niet ondertekend is door de DGA en – zonodig – door de (ex-)partner, niet volledig is ingevuld, onjuiste gegevens bevat of niet op tijd wordt ingediend bij de Belastingdienst. In dat geval wordt de waarde in het economische verkeer van de gehele pensioenaanspraak in een keer tot het loon uit vroegere dienstbetrekking gerekend en is ook 20% revisierente verschuldigd.

Verwerking uitfasering PEB in de jaarrekening
De Raad voor de Jaarverslaggeving (RJ) heeft een RJ-uiting gepubliceerd met een ontwerp-richtlijn "Pensioenvoorziening en oudedagsverplichting directeuren-grootaandeelhouder" in verband met de uitfasering PEB. Nu de wet pas in maart 2017 is aangenomen, heeft een en ander geen gevolgen voor de verwerking en waardering van de pensioenvoorziening van DGA's in jaarrekeningen over het boekjaar eindigend 31 december 2016. Er is wel sprake van een gebeurtenis na de balansdatum die mogelijk in de jaarrekening 2016 moet worden toegelicht, als de afstempeling van het PEB vóór het opmaken van die jaarrekening plaatsvindt.

1193_2016-belastingplan-001.jpgAfkoopwaarde en afkoopkorting
Het pensioen in eigen beheer kan uiterlijk tot 30 juni 2017 worden opgebouwd.
Bij een afkoop in 2017 geldt een afkoopkorting van maximaal 34,5% van de fiscale balanswaarde van de pensioenverplichting ultimo 2015. Voor het prijsgeven en afkopen wordt uitgegaan van de waarde die de pensioenverplichting heeft op de fiscale balans op grond van de fiscale regels. Als de eerder in de aangifte opgenomen balanswaarde van de pensioenverplichting is berekend tegen onjuiste rekengrondslagen kan deze waarde niet dienen als uitgangspunt voor de fiscale balanswaarde op het moment van afkoop.
Voor de afkoopkorting wordt alleen rekening gehouden met de fiscale balanswaarde van de tegenover de afgekochte aanspraak staande pensioenverplichting.
Als de BV onvoldoende middelen heeft om de ter zake van de afkoop in te houden loonheffingen af te dragen, kan er geen afkoop plaatsvinden.
De gerechtigden tot het partnerpensioen en het wezenpensioen kunnen ieder voor zich beslissen of zij de pensioenaanspraak willen afkopen of omzetten in een oudedagsverplichting.
Voor de pensioenaanspraken in eigen beheer is het op de pensioeningangsdatum nog steeds mogelijk om het pensioen in geval van onderdekking gedeeltelijk prijs te geven.

Extern verzekerd pensioen
Een gefaciliteerde afkoop van pensioenaanspraken is alleen toegestaan voor de bij die afkoop in eigen beheer verzekerde pensioenaanspraken. Indien de DGA het extern, bij een professionele verzekeringsmaatschappij verzekerde deel van de opgebouwde pensioenaanspraak ook wil afkopen, zal dit elders verzekerde pensioen eerst overgedragen moeten worden naar de BV. De overdracht moet plaatsvinden binnen de coulanceperiode van drie maanden. De overgang moet derhalve plaatsvinden vóór 1 juli 2017. Daarbij wordt een vóór die datum door de externe verzekeraar ontvangen verzoek tot overgang naar het eigenbeheerlichaam aangemerkt als een (toegestane) tijdig uitgevoerde overgang, mits de afhandeling van de overgang binnen de gebruikelijke termijn plaatsvindt.
Bij de afkoop van dit ‘teruggehaald pensioen’ wordt geen belastingkorting verleend; er is geen revisierente verschuldigd.
Na afkoop of omzetting in een oudedagsverplichting is overdracht van het elders verzekerde deel van de pensioenaanspraak naar het eigenbeheerlichaam niet meer mogelijk.
Volgens de staatssecretaris moet de pensioenregeling – uiterlijk op 30 juni – zodanig worden aangepast dat geen overgang van de extern verzekerde pensioenaanspraak naar een eigenbeheerlichaam kan plaatsvinden na de coulancetermijn, dus op of na 1 juli 2017. Bij een waardeoverdracht na afloop van de coulanceperiode is sprake van een verboden handeling: de pensioenverplichting wordt dan geacht te zijn afgekocht, met alle daaraan verbonden fiscale gevolgen. Dit is slechts anders als de pensioenverplichtingen naar een andere toegelaten, professionele verzekeraar worden overgedragen. Een eigenbeheerlichaam is vanaf 1 juli 2017 geen toegelaten verzekeraar meer.

Omzetten in een oudedagsvoorziening
Als de DGA de AOW-gerechtigde leeftijd bereikt kan hij de in de BV aanwezige bezittingen onder voorwaarden gebruiken om een lijfrente, lijfrenterekening of lijfrentebeleggingsrecht aan te kopen bij een professionele verzekeraar. Ook als er sprake is van een onderdekking, als de waarde van de bezittingen in de BV onvoldoende is ten opzichte van de waarde van de oudedagsverplichting. Dit prijsgeven kan zonder fiscale gevolgen plaatsvinden, mits (i) de onderdekking in de BV het gevolg is van gewone ondernemingshandelingen en niet veroorzaakt is door andere factoren als bijvoorbeeld dividenduitkeringen door de BV in de afgelopen jaren of oninbare vorderingen op de DGA of aan hem verwante personen, (ii) alle aanwezige bezittingen van de BV worden aangewend ter verkrijging van een lijfrente, lijfrenterekening of lijfrentebeleggingsrecht en (iii) het eigenbeheerlichaam wordt geliquideerd direct na aanwending van de aanwezige bezittingen ter verkrijging van een lijfrente, lijfrenterekening of lijfrentebeleggingsrecht.
Het is niet mogelijk om na ingang van de uitkeringen de oudedagsvoorziening nog aan te wenden voor het verkrijgen van een lijfrente, lijfrenterekening of lijfrentebeleggingsrecht. Dat kan in beginsel slechts tot uiterlijk twee maanden na het bereiken van de AOW-leeftijd.
Als een pensioenaanspraak meer dan 2 maanden na het bereiken van de AOW-leeftijd wordt omgezet in een oudedagsverplichting, moet de eerste termijn van de oudedagsverplichting direct na het omzetten worden uitgekeerd.

Commentaar
De uitfasering van het PEB zal in de praktijk nog veel vragen oproepen. De afkoopvariant is wel duidelijk, het omzetten in een oudedagsverplichting roept meer vragen op. Bij die vorm van uitfasering wordt de afloop, de uitkering van de pensioenpot, naar de toekomst verschoven en wie weet wat de dag van morgen brengt? Professioneel advies is noodzakelijk, voor de DGA en diens partner: zij hebben ieder een eigen verantwoordelijkheid in de uitfasering!
Terug naar boven

Privacy

Deze website maakt gebruik
van cookies. Meer informatie