Vraagtekens

Valutaverlies restant-koopsom vliegtuig niet aftrekbaar

24 februari 2021

Hof Den Haag besliste dat het in strijd was met het realiteitsbeginsel om in 2014 een valutaverlies te nemen op de verplichting ter zake van de resterende koopsom van een vliegtuig.

1569_10.jpgEen BV sloot in november 2014 een overeenkomst voor de aankoop van een vliegtuig. Van de koopsom van USD 8.050.000 werd USD 2.050.000 betaald bij het ondertekenen van de koopovereenkomst; het restant moest betaald worden bij levering van het vliegtuig in april 2015. De BV nam het vliegtuig ultimo 2014 op haar fiscale balans op voor de koopsom van USD 8.050.000 tegen de wisselkoers op het moment van aankoop. Daarnaast nam zij de resterende koopsom van USD 6.000.000 op als betalingsverplichting, eveneens tegen de koers op het moment van aankoop. Ultimo 2014 steeg de tegenwaarde van de verplichting door de koersontwikkeling euro/dollar. De BV trok het valutaverlies van € 122.891 in haar aangifte over 2014 af maar de inspecteur ging daar niet mee akkoord. De BV ging in beroep.

Hof Den Haag (ECLI:NL:GHDHA:2020:2010) was het met de inspecteur eens dat het in strijd was met goed koopmansgebruik, in het bijzonder het realiteitsbeginsel, om in 2014 een valutaverlies te nemen op de verplichting ter zake van de resterende koopsom. Voor de berekening van de uiteindelijke aanschaffingskosten van het vliegtuig moest de resterende koopsom van USD 6.000.000 worden omgerekend tegen de koers op het moment dat dit bedrag was verschuldigd (de datum van levering van het vliegtuig). Een valutaresultaat op de resterende koopsom als gevolg van de ontwikkeling van de wisselkoers tussen de datum van ondertekening van de koopovereenkomst en de datum van verschuldigdheid van de resterende koopsom behoorde volgens het Hof tot de aanschaffingskosten van het vliegtuig. Tot het moment van verschuldigdheid van de resterende koopsom correspondeerde een niet-gerealiseerd valutaverlies op de verplichting ter zake van de resterende koopsom met een even grote ongerealiseerde valutawinst op de resterende aanschaffingskosten.

Commentaar
Een valutaresultaat ontstaat wanneer een belastingplichtige aangifte doet in euro's, bezittingen of schulden in een andere valuta heeft, en er vervolgens een verandering in de wisselkoers optreedt. Valutaresultaten horen in beginsel tot de belastbare winst omdat het gaat om "verkregen voordelen, onder welke naam en in welke vorm ook". Ook in deze zaak was op zich niet in geschil dat het (negatieve) valutaresultaat ten laste van de winst kan worden gebracht. Wel in geschil was het tijdstip waarop dat kon gebeuren.
Terug naar boven

Privacy

Deze website maakt gebruik
van cookies. Meer informatie